ESSENTIEEL EN VERPLICHT: DE VERORDENING EN DE COMMISSIE

Foto's: Erwin Zijlstra, Gelders Genootschap en Wikimedia Commons.

Cultuurhistorie en erfgoed zijn mooie, aansprekende beleidsvelden voor een gemeente. Om dit onderwerp op een eerlijke en juridisch houdbare manier op de gemeentelijke agenda te zetten en te houden, zijn – naast ambitie! – ten minste twee zaken essentieel. De eerste is de gemeentelijke erfgoedverordening. Deze vormt de basis onder het gemeentelijke erfgoedbeleid. Erin regelt men de procedures rondom het aanwijzen van monumenten en gezichten, de vergunningverlening, de rol van de monumentencommissie, allerlei ambities en afspraken op het gebied van archeologie en eventuele relaties met belendende beleidsterreinen. Een actuele verordening betekent optimale juridische onderbouwing en duidelijkheid voor alle betrokkenen: de gemeente en andere overheden, maar vooral voor eigenaren, bewoners en ondernemers. Een monumenten- of erfgoedverordening is wettelijk verplicht voor alle gemeenten.

 

 

Een tweede belangrijke basisvoorwaarde voor goede erfgoedzorg is de Monumentencommissie of variant daarvan: Erfgoedcommissie, Integrale Commissie Ruimtelijke Kwaliteit, etc. Deze commissie vormt voor het gemeentebestuur het cultuurhistorisch geweten. Een goede commissie is disciplinair breed samengesteld en kent een goede mix van professionele erfgoedzorgers en lokale historici. Een erfgoedcommissie adviseert onafhankelijk en vanuit het cultuurhistorisch belang. Het gemeentebestuur maakt vervolgens bij besluiten een bredere afweging van belangen. Daarbinnen is het advies van de commissie een belangrijk, maar niet het enige onderdeel.